Soms sta ik op en kijk naar buiten
daarachter wacht de wolkenlucht
hierbinnen trekt de kleinste zucht
een spoortje wasem op de ruiten
en ver van ginder gaat gerucht,
een golvend ruisen, niet te stuiten,
van wielewagens mompelschuiten
ontastbaar en voor niets beducht
dat is de murmel van de mensen
die ik niet zie die ik niet ken
die suizend naar de dag forensen:
een weten waar ik niet aan wen.
Kan ik me nog iets anders wensen
dan even zijn waar ik niet ben?

