De maan weerspiegelt in het water
legt donkerflonker over zee
de kabbelgolfjes rollen mee
van hier en nu naar daar en later.
Mijn bootje glijdt van lieverlee
weg van vergeefse kalefater
voorbij verwaaide stemmensnater
de stilte in, waar wel en wee
bezinken in een langzaam deinen.
Blijf even aan de walkant staan:
dan zie je alle pijn verdwijnen,
dan zie je hoe zo’n sterrenmaan
een lege einder kan beschijnen.
Dan weet je waar ik ben gegaan.

